Tienduizend banen weg bij Airbus

Achtergrond - 20 februari 2007

(20 februari 2007) Bij de kwakkelende Europese vliegtuigbouwer Airbus staan tienduizend banen op de nominatie te verdwijnen. Kanselier Merkel en de Franse president Chirac bespreken deze week hoe de pijn tussen Duitsland en Frankrijk te verdelen.

De crisis bij Airbus is Chefsache  geworden, nu Merkel en Chirac zich persoonlijk met de saneringsplannen van de vliegtuigbouwer bemoeien. Dat er banen zouden verdwijnen, was reeds lang duidelijk. Dat het er duizenden zouden zijn ook. Restte de vraag waar.

De presentatie van de reorganisatieplannen onder de naam Power 8 werd gisteren op het laatste moment uitgesteld door het management van EADS, het moederconcern van Airbus. Achtergrond zouden meningsverschillen zijn tussen de verschillende landen bij de verdeling van opdrachten voor de bouw van een nieuwe Airbus, de A350. Power 8 voorziet naast de bezuiniging in een productiviteitsstijging van 20 procent en in het terugbrengen van de ontwikkelingstijd van vliegtuigen van 7,5 naar 5,5 jaar. Daarmee moet Airbus de concurrentieslag met zijn grootste tegenstrever, het Amerikaanse Boeing, aankunnen.

Harde klappen

Het was de Franse premier Dominique de Villepin die vandaag over de radio het getal van tienduizend te schrappen banen bekend maakte. Leidraad van de sanering is het aandeel dat de deelnemers Duitsland (35 procent), Frankrijk (35 procent), Engeland (20 procent) en Spanje (10 procent) in Airbus hebben. In Duitsland en Frankrijk vallen volgens deze redenering de hardste klappen. Bij Airbus werken in totaal 57 duizend mensen, twintigduizend daarvan in Duitsland. Afgesproken is het merendeel van de arbeidsplaatsen te laten verdwijnen door natuurlijk verloop.

De Duitse politiek oefent grote druk uit op de Airbusleiding om het banenverlies gelijkelijk te verdelen onder de Franse en Duitse standplaatsen. Het land is als de dood dat de meeste ontslagen in de Bondsrepubliek zullen vallen. Meer dan twintigduizend Duitsers demonstreerden begin deze maand onder toeziend oog van de machtige vakbond IG Metall voor behoud van de Duitse Airbus-vestigingen.

De Duitse minister van Economische Zaken Michael Glos (CDU) besprak de Duitse wensen vorige week met de Airbus-top in Berlijn. De deelstaten Nedersaksen, Hamburg, Bremen en Baden-Württtenberg, waar Airbus zijn Duitse vestigingen heeft, spraken via minister Glos een woordje mee. Die had naast zijn pleidooi ook een dreigement op zak: het terugtrekken van een aantal opdrachten voor de Duitse strijdkrachten, mochten de ontslagen niet eerlijk verdeeld worden. “We dreigen niet, we maken alleen de Duitse belangen duidelijk”, sprak Glos.

Overigens is Duitsland is niet het enige land dat in de strijd om banenbehoud stevige taal uitslaat. De Engelse regering liet weten een miljoenenorder te annuleren, mocht het land bij de saneringsplannen worden betrokken. Zowel in Duitsland als in Frankrijk zijn de laatste weken onderzoeken naar de prestaties van de Airbus-fabrieken gepubliceerd. Daarbij wijst Duitsland de eigen standplaatsen aan als de meest rendabele en productieve, Frankrijk ziet juist de Franse fabrieken het best presteren.

Egoïsme

Commentatoren waarschuwen dat de politieke druk een rationele sanering van het concern in de weg staat. Het bedrijf wordt aan de hand van nationale belangen hervormd in plaats van volgens puur economische criteria. De grote pressie van politiek en vakbonden in alle deelnemende landen maakt het de top van Airbus vrijwel onmogelijk zich te ontworstelen aan dit nationale egoïsme en rationele beslissingen te nemen.

Dit zeer tot het verdriet van de duo-topmannen Louis Gallois (Frankrijk) en Thomas Enders (Duitsland). Door het Europese getouwtrek zien zij met lede ogen aan hoe aartsrivaal Boeing Airbus aftroeft. De Amerikanen overtroffen vorig jaar voor het eerst sinds 2000 hun Europese concurrenten in aantallen bestelde vliegtuigen. Bij Airbus werden in 2006 824 machines verkocht, bij Boeing 1050.

Reden van de misère bij het concern is de vertraging die het prestigeproject van de Europese vliegtuigbouwer heeft opgelopen: de ontwikkeling van de reuzen-Airbus A380, het grootste passagiersvliegtuig ter wereld. Weliswaar maakte het toestel in 2005 onder veel tamtam een eerste, succesvolle testvlucht, maar problemen met de bekabeling hebben de productie meer dan twee jaar vertraagd. Verschillende Airbus-kopstukken moesten het veld ruimen.

Het bedrijf zit diep in de rode cijfers en over 2006 staan de vliegtuigbouwer miljardenverliezen te wachten. Airbus had erop gerekend 250 A380’s te verkopen om de ontwikkelingskosten eruit te halen. Nu deze zijn opgelopen tot 13,5 miljard euro is dat aantal opgeschroefd naar vierhonderd. Slechts zo’n 160 machines zijn tot nu toe besteld.

Handelsblatt
Bei Airbus sollen 10 000 gehen

Stern
Airbus-Krise wird zur Chefsache

Tagesschau
Boeing überholt Airbus

Reacties

Geen reacties aanwezig

Maximaal 500 tekens toegestaan

top
Op deze site worden cookies gebruikt, wilt u hiermee akkoord gaan?
Accepteer Weiger