WO II werpt nog steeds nieuwe kwesties op

Achtergrond - 3 mei 2011 - Auteur: Marja Verburg

Nederland herdenkt op 4 mei de oorlogsslachtoffers en viert op 5 mei de bevrijding. De Duitsers herdenken op 8 mei dat ze bevrijd werden van het nationaal-socialisme. De oorlog speelde ook het afgelopen jaar in beide landen een rol in politieke, maatschappelijke en onderwijsdebatten.

WO II werpt nog steeds nieuwe kwesties op
© dpa/picture-alliance

Mag de Duitse ambassadeur aanwezig zijn op de nationale dodenherdenking op 4 mei op de Dam in Amsterdam? Over die vraag ontstond vorig jaar veel ophef. Toenmalig ambassadeur Thomas Läufer werd eind 2009 in de tv-serie 'De oorlog' gevraagd of hij op de Dam aanwezig zou willen zijn. Ja, antwoordde hij. “Als we het met de verzoening serieus nemen, horen wij ook op de Dam te staan”, aldus Läufer. Maar dat past niet in het karakter van de nationale herdenking, vindt het Nationaal Comité 4 en 5 mei en dus werd hij niet uitgenodigd. Bij lokale herdenkingen zijn sinds 1994 wel steeds vaker Duitse vertegenwoordigers welkom. Läufers opvolger Heinz-Peter Behr is dit jaar op 4 mei in Vught en Venray.

‘Overgeëmotioneerd onderwijs’

Hoe houd je de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust levend voor nieuwe generaties? Over die vraag werd het afgelopen jaar zowel in het Nederlandse als in het Duitse onderwijs gedebatteerd. Voor de meeste middelbare scholieren is het onderwerp slechts geschiedenis, ze hebben er geen persoonlijke betrokkenheid meer bij.

Het probleem in beide landen is de manier waarop er les wordt gegeven: te emotioneel. Op Nederlandse scholen wordt veel aandacht besteed aan persoonlijke geschiedenissen, bijvoorbeeld van ooggetuigen die in de klas over hun ervaringen in de oorlog vertellen. Dat zei historica Dieke Hondius op een conferentie van het Duitsland Instituut vorig najaar. Het “overgeëmotioneerde onderwijs” heeft als gevaar dat leerlingen de internationale en diplomatieke geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog en daarmee het overzicht uit het oog verliezen. Hondius signaleerde ook vreemde excessen, zoals een leraar die zijn leerlingen tulpenbollen liet eten.

Nederland viert Bevrijdingsdag op 5 mei omdat het Duitse leger in Nederlandzich op die dag overgaf.
Duitsland herdenkt het einde van de Tweede Wereldoorlog op 8 mei, de dag dat het Duitse leger onvoorwaardelijk capituleerde. Het is geen officiële feestdag.
Sinds de rede van president  Von Weizsäcker in 1985 geldt de dag ook in Duitsland algemeen als bevrijdingsdag van het nationaal-socialisme.

Duitse scholieren hebben het gevoel dat ze zich emotioneel aangedaan moeten tonen als het over de Tweede Wereldoorlog gaat, bleek in november uit een onderzoek van weekblad Die Zeit. Daardoor krijgen de geschiedenislessen iets krampachtigs. Leerlingen durven niet goed vragen te stellen, bang om iets te zeggen dat niet gepast is. Scholieren leren vooral “een sociaal gewenste manier van spreken over de periode van het nationaal-socialisme”, aldus een commentaar in Die Zeit.

Toch is de belangstelling onder Duitse jongeren voor de Tweede Wereldoorlog groot, bleek uit het onderzoek. Ook vinden ze herdenken zinvol.

Diplomaten en de Holocaust

Het onderzoek van Die Zeit volgde een maand na een opzienbarend rapport over de rol die Duitse diplomaten in de Holocaust hebben gespeeld. Zij hielpen actief mee aan de moord op de Joden en op veel grotere schaal dan bekend was. Het onderzoek werd door gezaghebbende historici uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Het ministerie was “een misdadige organisatie”, luidde een van de conclusies van het onderzoeksteam.

Op deze generalisatie kwam later kritiek van andere historici van naam zoals Hans Mommsen, en ook werd aangetoond dat veel van wat het rapport als nieuw bestempelt al lang bekend was. Toch waren ministers en andere regeringsvertegenwoordigers geschokt door wat de studie boven tafel haalde.

In Nederland leidt de geschiedschrijving over de oorlog ook nog steeds tot controverses. Dat bleek vorige maand weer bij de presentatie van het boek 'Täter und Tabu' in het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD). Daar kwam onder meer de vraag weer aan de orde naar de wenselijkheid om termen als 'goed' en 'fout' te vervangen door 'grijs'. Tien jaar geleden leidde deze discussie tot een Nederlandse Historikerstreit. De Nederlandse oorlogsgeschiedschrijving lijkt daar nog steeds niet te zijn uitgekomen.

Foto’s van Duitse soldaten

 Mijntest in de Oekraïne. Afb.: Nr. 74, Archief Reiner Moneth, NordenDe Duitse wetenschap houdt zich in nieuwe projecten bezig met nog onbekende aspecten van de Tweede Wereldoorlog. Kunsthistorica Petra Bopp verzamelde jarenlang foto’s die Duitse soldaten tijdens de Tweede Wereldoorlog maakten. In Duitsland waren ze vorig jaar te zien in een tentoonstelling, in Nederland sprak Bopp over haar project, dat laat zien hoe Duitse soldaten de oorlog zagen. “Het ergst zijn juist de foto’s die er zo onschuldig uitzien.” Zoals een vrouw die door het water waadt alsof ze verkoeling zoekt, terwijl ze in werkelijkheid werd gedwongen om te testen of er mijnen in het water lagen - “als levende detector”.

Dat de foto’s nu pas tevoorschijn komen, is geen toeval, aldus Bopp. De meeste mensen die met foto’s naar haar toekwamen, waren kinderen van de betreffende soldaten. Die zijn inmiddels overleden en hun kinderen willen weten wat er nou op die foto’s staat en wat hun vaders hebben gedaan. “Ze willen het niet meer onderin de kast leggen en doen alsof het er nooit geweest is.”

 

Reacties

Geen reacties aanwezig

Maximaal 500 tekens toegestaan

top
Op deze site worden cookies gebruikt, wilt u hiermee akkoord gaan?
Accepteer Weiger