Duitslandweb logo Duitslandweb

De Januskop van de Eerste Wereldoorlog
Vraaggesprek met cultuurhistoricus Gerhard Hirschfeld

Achtergrond - 19 juni 2007 - Auteur: Pim Huijnen

(19 juni 2007) Met zijn verkwisting van talloze mensenlevens voor luttele meters modder lijkt de Eerste Wereldoorlog een toppunt van irrationaliteit. Maar niets is minder waar, stelt de Duitse historicus Gerhard Hirschfeld.

Ga op zoek naar sporen van de Eerste Wereldoorlog en je vindt kruizen, kilometers velden vol met kruizen. Het is de massaliteit die het gezicht van de oorlog bepaalt. In vier jaar tijd sneuvelden bijna tien miljoen soldaten, raakten nog eens twintig miljoen gewond en bijna acht miljoen vermist. Het gevolg van de in onze ogen haast waanzinnige veldslagen in het Westen, waarbij maandenlang letterlijk werd gevochten om honderden meters terreinwinst. Het geeft de ‘Grote Oorlog’ een air van irrationaliteit, van een oorlog die niemand meer in de hand had.

Dat bestrijdt Gerhard Hirschfeld, hoewel hij niet wil beweren dat de oorlog niet zo nu en dan een onverklaarbaar verloop kende. Maar dat was vooral het gevolg van de onmogelijkheid de enorme slagvelden met de honderdduizenden militairen te overzien – zelfs voor leidinggevende generaals. De dimensies van de veldslagen die door henzelf in gang waren gezet, waren daarvoor simpelweg te groot. Dat illustreert een van de anekdotes mooi, die de historicus uit Stuttgart graag vertelt en in grote aantallen paraat heeft.

Wonder van de Marne

“Tijdens de slag bij de Marne wordt een eerste luitenant naar het front gestuurd om de hoogste generaal Von Moltke op de generale staf in Luxemburg te adviseren over de te volgen koers. Hij gaat naar het front aan de Marne, keert vervolgens terug en bericht de generaal dat de slag verloren is. De verbinding met achterliggende troepen zou niet meer voorhanden zijn, de flanken in gevaar. Von Moltke luidt daarop de aftocht in en de Duitsers trekken zich terug – tot ontzetting van het vechtende leger zelf. Bleek dat ze aan de winnende hand waren geweest en Parijs bij wijze van spreken al in zicht hadden.”

Het voorbeeld toont volgens Hirschfeld hoe moeilijk het tijdens de oorlog was het perspectief te behouden. “Vermoedelijk waren ze bij deze slag tot een andere inschatting gekomen als ze meer informatie hadden gehad en niet in paniek waren geraakt.” Von Moltkes beslissing in september 1914 zijn leger van de Marne terug te trekken was dan ook zeer omstreden – en verstrekkend voor het verdere verloop van de oorlog. “Al waren de Fransozen natuurlijk erg blij met dit ‘wonder van de Marne’”.

Eén been in de negentiende eeuw

Dat waren de ervaringen van de frontsoldaten, de vreselijke verwondingen, het massale sneuvelen, de schijnbare zinloosheid. Dat wat in ons beeld van de oorlog tegenwoordig domineert. Onderzoek naar de impact van die ervaringen is evenwel moeilijk, omdat de soldaten er niet over spraken. “Wat ze aan het front meemaakten was van een zo verschrikkelijke orde, dat soldaten er onmogelijk over konden praten met hun verwanten. Ze waren voor anderen letterlijk onvoorstelbaar.” Als gevolg daarvan werd “de militaire ervaring zeker geen gemeengoed” – zoveel kun je er volgens Hirschfeld over zeggen.

Mede daarom is hij erg geïnteresseerd in de oorlogservaring van vrouwen, kinderen en anderen die thuisbleven. In de uitbreiding van de oorlog met het thuisfront, om een treffend cliché te gebruiken. Dat kan de bestaande kennis aanvullen om tot een completer beeld te komen van de landen en de mensen die deze oorlog begonnen. Dan gaan zaken als de propagandavoering een rol spelen, maar ook existentiële vragen als “wat betekent het om elke ochtend de lijsten te bestuderen waarop de nieuwe gesneuvelden staan vermeld om te kijken of je vader er tussen zit. Dat zijn toch heftige ervaringen, die zeker littekens achterlaten.”

Er zijn nauwelijks fronten waarop de Eerste Wereldoorlog geen sporen heeft nagelaten, zo blijkt wel uit de verhalen van de aimabele Duitse hoogleraar. Misschien daarom dat hij zich zo thuis voelt in de bosrijke omgeving van Wassenaar, waar hij tot eind deze maand als fellow resideert aan het onderzoeksinstituut NIAS en rustig schrijft aan een boek over de Nederlandse geschiedenis. Een sabbatical, zoals hij het zelf met een zucht van verlichting noemt.

Pim Huijnen is redacteur van het Duitslandweb en promoveert aan de Universiteit van Amsterdam.

Reacties

Geen reacties aanwezig

Maximaal 500 tekens toegestaan

Lees meer over 'Eerste Wereldoorlog':

Keizerrijk in een trein

Keizerrijk in een trein

In het Spoorwegmuseum in Utrecht toont de Duits-Nederlandse productie ‘Wilhelm*ina’ een tragi-komisch portret van de afgedankte keizer Wilhelm II.

Lees meer

Nieuwe graven voor Duitse Wehrmachtsoldaten

Nieuwe graven voor Duitse Wehrmachtsoldaten

Beide Wereldoorlogen liggen al meerdere decennia achter ons, maar nog steeds worden jaarlijks duizenden lichamen van Duitse soldaten gevonden.

Lees meer

Overzicht herdenkingen Eerste Wereldoorlog

Overzicht herdenkingen Eerste Wereldoorlog

Europa staat uitgebreid stil bij het begin van de Eerste Wereldoorlog, dit jaar honderd jaar geleden.

Lees meer

De Eerste Wereldoorlog in boeken

De Eerste Wereldoorlog in boeken

De Eerste Wereldoorlog is op papier nog lang niet uitgewoed.

Lees meer


top
Op deze site worden cookies gebruikt, wilt u hiermee akkoord gaan?
Accepteer Weiger