Duitslandweb logo Duitslandweb

Verkiezingsthema: Sociale ongelijkheid

Achtergrond - 15 september 2021 - Auteur: Jesse Oude Egberink

Ondanks dat Duitsland een van de rijkste landen van Europa is, kampt het met grote sociale ongelijkheid. In de verkiezingsstrijd speelt het thema een belangrijke rol.

Verkiezingsthema: Sociale ongelijkheid
© wikimedia/cc
Demonstratie in Hamburg voor meer minimumloon, 2019

Meer dan een miljoen Duitse huishoudens hebben na aftrek van de huur minder dan het bestaansminimum te besteden, blijkt uit een studie van de Berlijnse Humboldt-universiteit van deze zomer. Dat komt neer op zo’n 2,1 miljoen inwoners van Duitsland. Een op de vijf kinderen in Duitsland leeft in armoede. In de Duitse grote steden leeft 13 procent van de huurhuishoudens in een precaire financiële situatie. Bijzonder kwetsbaar zijn eenoudergezinnen. Bovendien hebben 4,5 miljoen Duitsers geen geld om op vakantie te gaan, blijkt uit onderzoek van het Wirtschafts- und Sozialwissenschaftlichen Institut (WSI) uit 2021.

Veel Duitsers werken voor een minimumloon van 9,60 per uur, het gaat om bijna 2 miljoen arbeidsverhoudingen. Of ze hebben een Minijob, een baan waarin ze maximaal 450 euro per maand mogen verdienen en die wordt aangevuld met de werkloosheidsuitkering Hartz IV. Minijobs zijn voor werkgevers heel voordelig, omdat ze dan geen ziektekosten- en pensioenverzekering hoeven te betalen.

In 2019 leefde 16 procent, ofwel 13 miljoen Duitsers, onder de zogenoemde Armutsrisikoquote. Dat is het percentage mensen dat minder dan 60 procent van het middeninkomen verdient. Het is een veelgebruikt getal om de armoede in Duitsland mee te meten. Het middeninkomen is het inkomen waar precies evenveel mensen boven als onder zitten; het ligt lager dan het gemiddelde inkomen.

Sociale ongelijkheid was bij de verkiezingen van vier jaar geleden ook een belangrijk thema, maar sindsdien is de armoede in Duitsland toegenomen.

Sociale mobiliteit 

Voor wie eenmaal in armoede leeft, is het steeds moeilijker geworden daar weer uit te komen, blijkt uit het zesde armoede- en rijkdomsrapport van de Bondsregering van mei. De kans dat iemand die in armoede leeft vijf jaar later nog steeds arm is, steeg sinds de jaren tachtig van 40 naar 70 procent. De rijkste 10 procent van Duitsland beschikt over 64 procent van het netto vermogen. 

Daarnaast blijven de pensioenen achter bij de loonontwikkeling. In de jaren zeventig lag het bruto pensioenniveau op 60 procent van het gemiddeld inkomen, tegenwoordig op 47,5 procent. Ouderen die moeten bijklussen als schoonmaker of taxichauffeur, omdat ze van hun pensioen alleen niet kunnen leven, zijn in Duitsland geen bijzonderheid. Kiezers zien het thema pensioenen als een van de belangrijkste thema’s voor de komende verkiezingen.

De coronacrisis heeft de ontwikkelingen alleen maar versterkt. Juist mensen die het voor het begin van de pandemie al met minder geld moesten stellen, hebben inkomsten zien verdwijnen. Uit het armoederapport van de overheid blijkt dat vooral mensen met lage inkomens en tijdelijke arbeidskrachten getroffen zijn door de gevolgen van de coronacrisis.

Hartz IV

Een steeds terugkerend twistpunt bij Duitse verkiezingen is het Duitse systeem van werkloosheidsuitkeringen, Hartz IV. Dat werd begin jaren 2000 ingevoerd door de regering van SPD en Groenen, als onderdeel van een groot aantal arbeidsmarkthervormingen. Hartz IV betekende een flinke verlaging en inperking van de werkloosheidsuitkeringen. De ingreep was zo drastisch dat het Constitutioneel Hof in 2010 de bondsregering verplichtte de uitkering te verhogen. Nog steeds is er veel kritiek op de uitkering, mede door de harde sancties die voor relatief lichte overtredingen gelden 

Duitsland heeft economisch geprofiteerd van de arbeidsmarkthervomingen, maar dat juist de SPD Hartz IV invoerde, is de sociaaldemocraten door de achterban lang nagedragen. Al langer wil de partij van de omstreden werkloosheidsuitkering af, maar de afgelopen jaren lukte dat niet. Nu pleit de SPD voor een nieuwe uitkering met minder plichten en sancties, en meer rechten voor de ontvangers, het Bürgergeld. Ontvangers krijgen daarmee genoeg om van te leven en deel te nemen aan de maatschappij. Ook de Groenen willen een werkloosheidsuitkering die zonder sancties in het bestaansminimum voorziet. Beide partijen willen een Kindergrundsichering, een basisbedrag voor alle kinderen zodat ze naar de creche kunnen en aan sport mee kunnen te doen. Op die manier wordt armoede niet meer automatisch van ouder op kind doorgegeven. 

Die Linke wil een basisinkomen, dat zonder voorwaarden in basisbehoeften voorziet. De CDU en de FDP willen de werkloosheidsuitkeringen niet verhogen. Zij vinden dat het makkelijker moet worden naast een uitkering bij te verdienen, zodat het aantrekkelijker wordt om te gaan werken.

Minimumloon en belastingbeleid

Om de sociale ongelijkheid aan te pakken, willen SPD, Groenen en Die Linke het minimumloon verhogen naar 12 euro per uur. Ook de CDU/CSU wil het minimumloon verhogen, maar noemt geen concreet bedrag. De FDP en de AfD zijn in hun verkiezingsprogramma niet duidelijk over of ze het minimumloon willen aanpassen. 

Bij de pensioenen willen de SPD en de Groenen een niveau van minstens 48 procent garanderen. Een verhoging van de pensioenleeftijd (nu tussen de 65 en 67 jaar) wil de SPD  niet. De CDU/CSU wil dat de pensioenleeftijd niet verder stijgt dan 67 jaar. Wat de AfD betreft mag iedereen zelf bepalen wanneer hij of zij met pensioen gaat; hoe later je stopt met werken, des te meer pensioen je ontvangt. 

Een andere manier om de sociale ongelijkheid aan te pakken is het aanpassen van het belastingsysteem. De CDU/CSU en de FDP willen in principe iedereen financieel ontlasten. In de plannen van de SPD, de Groenen en Die Linke gaat het alleen om het ontlasten van lage- en middeninkomensgroepen. Zij willen de hoogste inkomensgroepen juist zwaarder belasten, mede om publieke voorzieningen en de kosten van de coronacrisis te financieren. Ook willen zij een vermogensbelasting voor de allerrijksten, Die Linke al op vermogens vanaf een miljoen euro. Daar zijn de CDU/CSU en de FDP op tegen.

Reacties

Geen reacties aanwezig

Maximaal 500 tekens toegestaan

Lees meer over 'Verkiezingen 2021':

Formatiegesprekken SPD, Groenen en FDP van start

Formatiegesprekken SPD, Groenen en FDP van start

De formatie verloopt voortvarend, maar SPD, Groenen en FDP hebben nog harde noten te kraken.

Lees meer

Ampelmann

Ampelmann

Terug van weggeweest: de column van Carsten Brzeski. Ditmaal over de lastige positie van de FDP in de formatie tussen SPD en Groenen.

Lees meer

Berlijn koerst aan op stoplichtcoalitie

Berlijn koerst aan op stoplichtcoalitie

SPD, Groenen en FDP gaan komende week verder onderhandelen. De CDU/CSU is in een pijnlijke machtsstrijd verwikkeld.

Lees meer

Olaf Scholz weet het zeker: hij wordt kanselier

Olaf Scholz weet het zeker: hij wordt kanselier

Profiel van SPD-leider Olaf Scholz, die een goede kans maakt Merkel op te volgen als kanselier van Duitsland.

Lees meer


top
Op deze site worden cookies gebruikt, wilt u hiermee akkoord gaan?
Accepteer Weiger