'Nederlanders willen vaker koffie drinken'

Achtergrond - 14 november 2011

Waar Duitse studenten zich volledig op hun cijfers richten, zijn Nederlanders meer bezig met netwerken, zegt Artur Jarosiewicz. Dat leidt bij samenwerking wel eens tot spanningen: “Duitsers willen altijd doelmatig werken, terwijl Nederlanders vaker koffie willen drinken.” (Deel 6 van de serie Duitse studenten in Nederland)

'Nederlanders willen vaker koffie drinken'
© Artur Jarosiewicz

Artur Jarosiewicz (25) werd geboren in Polen, maar verhuisde al op 2-jarige leeftijd naar Oberhausen. Hoewel hij uit een Poolse familie komt, voelt hij zich toch vooral Duitser. In Enschede, waar veel Duitsers studeren, zit Artur nu in het vierde jaar van de Nederlandstalige opleiding Small Business and Retail Management aan de Saxion Hogeschool.

Waarom besloot je om in Nederland te gaan studeren?

Artur Jarosiewicz: “Dat was eigenlijk vrij toevallig. Ik wilde iets nieuws zien qua omgeving, maar ik had financieel niet de mogelijkheid om echt ver weg te gaan, bijvoorbeeld naar Australië. Toen de Saxion Hogeschool een voorlichting op mijn school in Duitsland kwam geven, klonk dat interessant. Ik ben daarna naar een ‘Studie try-out’ gegaan waar workshops werden gehouden en die vond ik wel prima. En hoewel Enschede maar 100 kilometer van mijn woonplaats is, ligt het toch in een ander land.”

Hoe gaat dat, in het Nederlands studeren?

“Natuurlijk was het wel een uitdaging, maar ik kreeg in het begin ook veel ondersteuning van docenten. In het eerste jaar is het wel lastig wanneer je dingen wilt uitdrukken en dat niet altijd lukt. Maar het is belangrijk dat je weet dat dit alleen in het begin zo is en dat je gewoon doorgaat met Nederlands te spreken. Zelfs docenten hadden soms de neiging om dingen in het Duits uit te leggen, maar het is veel beter voor ons als ze Nederlands blijven praten.”

Hoe wordt er op je gereageerd in Nederland? Voel je je welkom in Nederland?

“Dat hangt een beetje af van waar je bent. Soms hoor je verhalen van Duitse studenten die in het midden van Nederland studeren en in de kroeg wel eens iets negatiefs horen. Maar echt heel vervelende voorvallen zijn dat niet. Ikzelf heb overigens geen vervelende ervaringen, zeker niet in Enschede.

Bij het Nederlandse bedrijf waar ik stage liep, was het juist een pluspunt om Duits te zijn. Zij vinden het fijn als studenten goed Duits kunnen spreken en iets over die cultuur weten. Ook vinden ze het positief als Duitsers moeite hebben gedaan om Nederlands te leren. Al met al heb ik ondervonden dat het vaker positief is dan negatief om Duits te zijn.”

Wat is het belangrijkste verschil tussen de Nederlandse en de Duitse student?

“Er zijn heel veel verschillen. Het grootste verschil is hoe ze de studie benaderen. Nederlanders zijn meer gericht op netwerken en sociale contacten opbouwen. Zij kijken vooral wat ze later aan hun studie hebben en hebben daarnaast bijna allemaal een bijbaantje. Duitsers streven ernaar de beste cijfers te halen, de theorie goed te leren en indruk te maken op de docent. Ze houden zich alleen bezig met de studie en niet met later. Dat vind ik wel een beetje jammer, want ik vraag me altijd af: ‘Wat is echt de meerwaarde van goede cijfers?’ In Nederland interesseren bedrijven zich daar niet zo voor. Zelf voel ik me daarom meer een Nederlandse dan een Duitse student.

Het verschil in benadering leidt soms wel tot spanningen in werkgroepen. Duitsers willen altijd doelmatig werken, terwijl Nederlanders vaker koffie willen drinken.”

Wat merk je van de verschillen tussen de Nederlandse en Duitse academische cultuur?

“De Nederlandse cultuur is persoonlijker. Je wordt hier sneller als individu behandeld. Het gaat in Nederland ook niet alleen om boeken lezen. Nederlandse docenten willen dat studenten actief meedenken en niet alles letterlijk overnemen. In Duitsland geeft de docent een bepaalde input en moet iedereen gewoon hetzelfde kunnen. Nederland is denk ik daarom een stukje innovatiever. Hier is het heel belangrijk dat studenten zich persoonlijk ontwikkelen: leren samenwerken en een positieve uitstraling krijgen. In die zin sluiten Nederlandse studies beter aan op de praktijk. Ik geef daarvoor altijd het volgende voorbeeld: Als een klein kind leert fietsen, gaat hij geen boek lezen maar probeert hij het gewoon. Hij gaat dan misschien wel een paar keer op zijn bek, maar zo leert hij het wel.”

Wat ben je na je studie van plan?

“Dat weet ik nog niet precies. Ik zou graag willen werken bij een instantie gericht op de Duits-Nederlandse samenwerking. Ik denk dat er veel potentieel is voor mensen die beide culturen begrijpen en die weten hoe de Duitse markt in elkaar steekt. Duitse studenten kunnen dan bij bedrijven als experts optreden. Of je in Nederland of in Duitsland woont, maakt voor mij niet uit. Als ik hier een ding heb geleerd, is het: ‘Het komt wel goed’. Dat Nederlandse motto heb ik nu overgenomen.”

Reacties

Geen reacties aanwezig

Maximaal 500 tekens toegestaan

top
Op deze site worden cookies gebruikt, wilt u hiermee akkoord gaan?
Accepteer Weiger