Wie betaalt Harvard aan de Spree?

Achtergrond - 30 januari 2004

(30 januari 2004) Regeringspartij SPD wil vijf elite-universiteiten vormen in Duitsland. De wetgeving van haar eigen minister van Onderwijs staat daarbij echter in de weg, net als bij de hervorming van het al bestaande systeem van academisch onderwijs.

De spanning tussen het centralisme van Bulmahn en de universitaire drang naar autonomie, die de afgelopen weken tot uitdrukking kwam in de kwestie omtrent de vorming van elite-universiteiten, is ook kenmerkend voor het al langer lopende debat over de hervorming van de bestaande Duitse universiteiten. Dit debat draait om de vraag, hoe de universiteiten in de toekomst gefinancierd moeten worden. In Duitsland rijpt het besef, dat de universiteiten zichzelf moeten leren bedruipen. Het hoger onderwijs op kosten van de gemeenschap heeft namelijk haar langste tijd gehad. De hervormingen van het afgelopen jaar hebben de Duitsers voorbereid op het feit dat de staat in de toekomst minder belastinggeld beschikbaar stelt voor bijvoorbeeld pensioenen, uitkeringen en ziektekostenportefeuilles. Academisch onderwijs kan aan dit rijtje worden toegevoegd. Daarom willen de universiteiten collegegeld gaan invoeren. Een studiejaar in Duitsland moet gemiddeld ongeveer 1000 euro gaan kosten. In Nederland betaalt een student gemiddeld ongeveer 1400 euro. Veel Duitse studenten die de afgelopen maanden fel verzet hebben geboden tegen de invoering van collegegeld, omdat zij een sociale tweedeling in het onderwijs vrezen, hebben zich inmiddels neergelegd bij het naderende einde van het gratis onderwijs. Collegegeld is eenvoudigweg onontkoombaar, wil er in Duitsland in de toekomst überhaupt nog sprake zijn van academisch onderwijs.

Aanklacht
Hier wreekt zich echter de spanning tussen het centralisme van de federale overheid en de universitaire autonomie. Bulmahns verbod op collegegeld berooft de universiteiten van een mogelijke bron van inkomsten, terwijl in het huidige klimaat van bezuinigingen ook weinig geld hoeft te worden verwacht van de overheid. En het geld dát beschikbaar is, wordt door de minister verdeeld over slechts vijf universiteiten en niet gebruikt voor investeringen in de breedte. Zo wordt het de universiteiten wel erg moeilijk gemaakt de kwaliteit van hun onderwijs te waarborgen.

Een zestal, door de CDU geregeerde deelstaten, heeft inmiddels een aanklacht tegen het verbod op collegegeld ingediend bij de hoogste juridische instantie van de Bondsrepubliek, het Bundesverfassungsgericht in Karlsruhe. Het bezwaar luidt officieel, dat het landelijke verbod een inbreuk vormt van de bond op de autonomie van de deelstaten. De deelstaten zouden zelf moeten kunnen beslissen over een verbod op collegegeld. In de praktijk gaat het de CDU erom, universiteiten de mogelijkheid te bieden hun studenten te laten betalen voor een opleiding. Het geldt als waarschijnlijk, dat het verbod op collegegeld dit jaar nog voor onrechtmatig wordt verklaard. Dan zullen ook Duitse studenten moeten gaan betalen voor een studie. De onderwijsexpert van de christen-democratische Bondsdagfractie, Katherina Reiche, motiveerde de weerstand van haar partij tegen het besluit van SPD-minister Bulmahn als volgt: "Wie Harvard in Duitsland wil, moet ook Harvard-voorwaarden scheppen".

Mark Schenkel is student Geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam en schrijft regelmatig artikelen voor het Duitslandweb. Momenteel studeert hij aan de Humboldt Universität in Berlijn.

Reacties

Geen reacties aanwezig

Maximaal 500 tekens toegestaan

top
Op deze site worden cookies gebruikt, wilt u hiermee akkoord gaan?
Accepteer Weiger